De laatste dagen
mocht ik mijzelf gast van de oud historische stad Berlijn noemen.

Berlijn heeft enorm
veel te bieden aan bezienswaardigheden.

Berlijnse haast.

Berlijners hebben
altijd haast. De verkeerslichten springen in een rap tempo weer op de
volgende kleur. Bij oversteekplaatsen met het logo van het
‘ampelmannetje’ in het verkeerslicht krijg je ‘ampel’ de tijd om de
overkant te halen. Het zal de Berlijnse automobilisten een Duitse
curryworst wezen; vol overgave trappen zij het gaspedaal in en
scheuren met wat geluk met piepende banden de hoek om. De opgefokte
Berlijnse claxon heb je in alle toonsoorten, en dat willen ze graag
laten horen. Je moet er even aan wennen. Verder zijn Berlijners zeer
aanspreekbaar en altijd hulpvaardig.

Opvallend is ook hun
bewuste keuze voor hun uiterlijk. Alles kan en alles mag. Vrijwel
alles wordt normaal gevonden. Loop je graag met glittertjes op je
gezicht rond of stap je met een vol overgoten lichaam vol verf van
een ‘verffeestje’ van de Hare Krishna zo de U-bahn in? Het mag.
Niemand kijkt er vreemd van op. Zelfs niet als honden in een soort
pyjamajasje door het park lopen met hun baasje. Overigens waren het
niet alleen honden die in een pyjamabroek liepen…
Menige dame toont
graag hoe strak haar jurkje om haar string zit, zodat het bijna een
sport wordt om het motiefje van de string te ‘lezen’. Nee, Berlijn is
niet saai te noemen.

Berlijnse
pluspunten.

Met een dagkaart van €7,- is alles middels openbaar (bus tram enz)
verkeer goed en snel te bereiken. Hou er rekening mee dat de deuren
na ongeveer 30sec weer sluiten. Ook het openbaarvervoer heeft haast.
Controle is er niet of nauwelijks. Zwartrijders moeten daar zeer
gelukkige mensen zijn.

Het eten in de supermarkten is belachelijk goedkoop vergeleken met
Nederland.

Restaurantjes zijn over het algemeen redelijk betaalbaar.

Berlijners zijn vriendelijk en hulpvaardig te noemen al stralen ze
dat niet altijd uit.

Berlijnse
minpuntjes.

Berlijn is overigens
net zo groot als de provincie Utrecht. Je ziet dan ook overal enorme
projecten.

Hartje centrum ziet
de stad en netjes uit, en is er zelfs wat politie ter been te
bespeuren.

Echter 15 minuten
buiten hartje centrum begin je je af te vragen waarom sommige
stations nooit een sopje krijgen. Vieze muren, vieze trappen en een
vieze urinelucht komen je tegemoet. Handig voor een blinde die het
veel van zijn reukvermogen moet hebben, maar zeer onaantrekkelijk
voor toeristen wiens reukorganen nog niet zijn aangetast.

Het zwerfvuil was
voor mij een soort verbazing van een categorie ‘der erste klasse’.
Overal, werkelijk
overal ligt afval en zie je oerlelijke graffiti.
Dat Berlijners zeer
vindingrijk zijn, bleek uit het onderhoud van hun plantsoenen. In
plaats van cacaodoppen deponeert daar men naar hartenlust dorpjes van
bierflessen. Want ja, alcohol drinkt men er gewoon al wandelende met
de fles in de hand op straat.

Helaas liggen de
parken en grasvelden dan ook vol met doppen, hele en kapotte flessen,
en met wat geluk vind je er een naald. Fietsen parkeer je gewoon IN
het plantsoen. Daar doet niemand moeilijk over. Mijn tip is dan ook
deze; loop niet op slippers op het grasveld.

Ik begrijp dit
on-Duitse beleid niet. Hun kinderen moeten er toch opgroeien?

Bedelaars zijn een
strontvervelende dagelijkse aanwezigheid. Kom je de supermarkt uit,
sta je voor een stoplicht, of wacht je op een perron? De kans is
groot dat je door een bedelaar wordt aangesproken. Ons gemiddelde lag
op 4 keer per dag. Voor €20 euro wensen ze je alle geluk namens
Boeddah, Allah, Hermann Goerring of wie dan ook, of ze vragen je
gewoon of je even hun avondeten wilt betalen. Helaas…in geen 20
jaar ga ik zulke gasten iets geven. Het gaat je ook flink irriteren
op den duur. Mijn vriendelijke glimlach met een beleefd “Nee
sorry.” veranderde na verloop van tijd dan ook in een bars “NEIN!”.

Ik kan me goed
voorstellen dat vrouwen Berlijn in de avonduren niet meer de straat
op gaan. Met name in de wat mindere buurten zie je dan veel
buitenlanders samenscholen (met de bekende fles in de hand) die geen
woord Duits spreken en je zowat uitkleden met hun ogen.

Ook op de perrons
zie je vaak een beeld van voornamelijk donker getinte mannen die
prullenbakken doorzoeken, of lopen ze in groepjes zogenaamd
onopvallend bij je in de buurt te kijken wat je eventueel in je tas
zou kunnen hebben.
Als je je tas
duidelijk tussen je benen in zet, lopen ze meteen verder. Het zegt al
genoeg.
Containers zijn
absoluut vreemde voorwerpen voor een Berlijner. Ze denken
waarschijnlijk dat het een soort vorm van stadskunst is terwijl deze
echt bedoeld zijn om daar afval in te deponeren.
Vuilniszakken liggen
sierlijk opengereten in onwillekeurige volgorde nààst de
containers.
Het maakte me
triest; Degradatie van een zo mooie stad met zoveel historische
waarde.

Als Berlijn niet
verder naar een veredeld soort modern ghetto wil afzakken, dan zal de
gemeente haar burgers rap moeten gaan opvoedden. Desnoods met harde
nationalistische hand.
Nederlandse bewoners
die ik sprak, wisten ook al te melden dat zij ‘hun’ Berlijn de
laatste 5 jaar zagen afglijden naar een smerige niet prettig
aanvoelende stad. “Berlijn is haar mooie energie kwijtgeraakt.”

De wc’s zijn
overigens ronduit smerig. Voor die euro mag je toch een schoon toilet
verwachten.
Waar zijn de
wc-dames gebleven van vroeger? Zo’n moeke die achter een tafeltje met
een breinaald aan de gang is terwijl jij even van haar naar citroen
ruikende geurende toilet gebruik maakt?
Met pensioen?
Uitgestorven? Geen wol meer? Hoe dan ook, ik mis haar, en haar schone
toiletten.

Maar ‘nun’ even naar
de heel prettige zijde van de stad die een beertje als mascotte
heeft.
Berlijn heeft
talloze bezienswaardigheden voor jong en oud.
Ik ga ze niet
allemaal uitvoerig beschrijven. Het zou afbreuk doen aan de
werkelijke ervaring.
Plekken als deze
moet je ruiken, zien en voelen.

Unterwelten.

Absolute aanrader, en niet zo bekend voor veel toeristen.
Onze Nederlandse gidse wist veel mooie verhalen en feiten in je
verbeelding tot leven te wekken tijdens de ruim 90 minuten durende
reis onder de grond door diverse kamers en gangen. Deze
schuilkelder/ bunker die Berlijn ooit zo rijk was in hoge aantallen
rond 1944, is èèn van de laatst overgebleven intacte, wat hem zo
interessant maakt.

Berlijnse Dom.

Een pompeus bouwwerk van de kerk waar een beetje water al teveel
gevraagd is. Water is een eerste levensbehoefte van de mens waar je
recht op hebt. Echter de Duitse kerk laat je gewoon verrekken. Een
beleid dat ze al eeuwen niet wensen te veranderen, terwijl je €
7,- hebt betaald om al die ellendige trappen te bestijgen. Wat mij
betreft kunnen ze naar de hel gaan, ook al was het uitzicht op zich
wel aardig te noemen.

Brandenburger
Tor.

De enige overgebleven stadspoort van Berlijn. Stamt uit 1734.
Vreemd om hier veel nationaliteiten te horen en door elkaar te zien
lopen, terwijl dit jarenlang niet mogelijk was door de Berlijnse
muur. Gewoon even bezoeken, onderdoor lopen, en ‘ohhhhh’ roepen.

Reichstag.

Helaas was de wachtrij aan de kassa 90 minuten, en daar kwam nog een
wachttijd bij voordat je naar binnen kon. Vooraf reserveren is een
must. Er was geen Nederlandse beschrijving voorhanden helaas. Aan
“Tut mir leid.” had ik geen boodschap.

Joods
herdenkingsmonument.

Midden in het centrum liggen 2711 betonblokken, (die in afmetingen
variëren) wat het gehele monument voor alle Joodse slachtoffers moet
vertegenwoordigen.
Deze zijn met een speciale laag behandeld tegen graffiti.
Opvallend detail is, dat de de producent van de ‘anti graffiti laag’
tijdens de holocaust mede eigenaar was van het bedrijf dat zyclon-B
produceerde waarmee Joden vergast werden.
Daarbij is het een beetje jammer dat men het monument niet voor een
bredere gedachte heeft geplaatst; voor alle slachtoffers van het nazi
regime.

Potsdammerplatz.

Prachtig plein rond 1900. Helaas volledig verwoest door de 2de
wereldoorlog. Na de scheiding door de muur, bleef de herbouw aan
‘Oost Duitse’ zijde volledig stil liggen. Inmiddels is het plein
glorieus te noemen met haar moderne gebouwen.

Topographie des
Terrors.

Een modern museum staat exact op de plek waar zich tijdens de 2de
wereldoorlog de beruchte martelkamers van de Gestapo en de SS zich
bevonden.

Het museum geeft uitvoerig inzicht in het systeem en handelswijze van
de SS. Het beeldmateriaal is bijzonder te noemen, omdat het vanuit
Duits oogpunt is genomen.

Vlak naast het museum is nog een stuk Berlijnse muur intact gebleven,
waar men veel foto’s en informatie heeft geplaatst.

Checkpoint
Charlie.

De 3de controlepost (en meest bekende) die men moest passeren als men
van Oost naar West wilde reizen.
Figuranten staan er in uniform bij. Je kan samen met hen op de foto,
en velen maken daar gebruik van.

Mauerpark.

Openbaar park, waar alleen op zondag een soort markt is en bandjes
komen spelen.
Het park ligt aan de rand waar de Berlijnse muur doorheen liep.
De kraampjes alleen al zijn minstens apart te noemen. Je kunt er
items uit de jaren 50 en 60 vinden. Het is te vergelijken met een
grote vlooienmarkt waar een zeer ontspannen sfeer heerst.
Alleen erg jammer dat het gras vol bierdoppen, glas en andere zooi
ligt, en de zitplaatsen überhaupt geen uitnodiging zijn om te gaan
zitten. Daar moet je echt een portie lef voor hebben.

Bernauer Strasse.

Aan deze weg ligt een stuk park met een deel van de oude Berlijnse
muur. Je kan er goed zien hoe de muur was opgebouwd, en welke
versperringen erachter lagen.
Op de hoek van de straat staat een uitzichttoren , die je een idee
geven hoe de uitkijkposten over het terrein keken. De toren is vrij
toegankelijk.
In het stukje park staat een modern stuk muur met daarin foto’s en
beschrijvingen over mensen die de vlucht naar het Westen niet
overleefden als eerbetoon.

Tempelhofer Feld.

Nu een groot park, waar natuur, vrijheid en veel soorten recreatie
mogelijk zijn. Er liggen twee betonnen banen in. Het waren de landing
en startbanen van de ‘luchtbrug’ van de Geallieerden die na de oorlog
de West Duitse bevolking (2 miljoen) voorzagen van voedsel nadat het
Oosten de stad hermetisch middels de ‘Berlijnse muur’ afsloot. Iedere
halve minuut landde er 320 dagen lang een vliegtuig. Voor en tijdens
de oorlog werd het ingericht als werkkamp en later concentratiekamp
voor politieke vijanden van de N.S.D.A.P.
Onder de oude luchthaven ligt een betonnen bunker waar de Wehrmacht
veel filmmateriaal opsloeg. Helaas is dit door de Russen allemaal
verloren gegaan.
Je kunt er fietsen huren om een rondje te maken over de oude start en
landingsbanen van weleer, of gewoon te voet. Een plek om even stil
bij te staan als je haar geschiedenis kent.

Even rekening mee houden bij een Berlijns bezoek;

– Je kunt niet overal pinnen.

– Niet alle automaten accepteren elk soort creditcard.

– Neem zelf wat water mee voor onderweg.

– Openbare wc’s zijn een gruwel. Laat deze links liggen.

– Automobilisten zijn geen heer in het verkeer.

Uiteraard heeft Berlijn nog veel meer te bieden. Talloze musea zijn
in dit korte verslag niet meegenomen, alsmede ook de beroemde
Berlijnse Zoo.

Om alles te bezoeken heb je aan een korte week niet genoeg. Ik moet
dus nog een keer terug.